Categoriearchief: Liefhebbers en hun verhalen

Guus Nieuwmans – columnist

Guus Nieuwmans is toch wel één van de meest geruchtmakende voorzitters van ons belang geweest. En heeft heel veel voor “ons belang” en zijn leden gedaan. Door een ernstige ziekte moest Guus het stokje overdragen. Maar Guus is nog niet van het toneel verdwenen.

Guus Nieuwmans

Guus is in 1946 met tilduiven begonnen. Als ik het goed heb was Guus toen net 5 jaar oud. Maar als je dan van je vader je eerste twee tilduiven krijgt ben je wel direct geïnfecteerd met het duivenvirus.
Je kwam ook niet meer van het virus af want in de jaren 50 en 60 stond er op elk dak of in elke tuin wel een duiventil. En op de meeste balkons kon je ook wel een paar donderhokken vinden. Bijna iedereen in den Haag had toen wel tilduiven.

Ving 700 tilduiven per jaar

Een beetje tilduivenhouder ving in die tijd met gemak 600 tot wel 700 tilduiven per jaar. Tegenwoordig is dat een stuk minder maar volgends de oud voorzitter van ons belang neemt de tilduiven sport weer elk jaar toe en komen er steeds meer nieuwe leden bij. Guus schat dat er alleen in den Haag wel 1000 liefhebbers te vinden zijn. Ons belang heeft een leden bestand tegen de 400 leden aan.

Guus weet iedereen te interesseren voor deze hobby

Guus Nieuwmans kan iedergeval fantastisch vertellen over de tilduivensport. Wie wist dat Mick Jagger een graag geziene gast was in de duiventil van Guus Nieuwmans. Guus weet behalve bekende artiesten ook de jonge Hagenezen te interesseren voor de tilduivensport.

Wat is de verrassing

Jammer genoeg is Guus geen voorzitter meer van “ons belang”. Zelfs geen lid meer van “ons belang”. Veel Haagse tilduivenliefhebbers uit den Haag en omstreken missen zijn verhalen, kennis en anekdotes.

De redactie van deze website heeft Guus Nieuwmans zo gek gekregen om in het vervolg zijn verhalen, kennis over de sport en vele anekdotes met onze lezers te delen.

Guus Nieuwmans is nu columnist van diefkroppers.nl

Guus Nieuwmans is een icoon voor de Haagse tilduivensport. Een spraakmakende voorzitter geweest van “ons belang”. Met trots kunnen wij zeggen nu een gewaardeerd columnist voor diefkroppers.nl Binnenkort hopen we dan ook de eerste artikelen van Guus Nieuwmans te kunnen plaatsen.

Torsten Hackenberg, lees zelf het verhaal

Duitsland is gek op duiven en dan met name Torsten Hackenberg. Hij is gek op Spaanse kroppers en niet zomaar kroppers.

torsten hackenbergTorsten Hackenberg

Torsten heeft zijn leven lang  duiven gehad met name postduiven en tiplers. Maar afgelopen jaar heeft hij op zoektocht naar Moroncelo’s de Pica ontdekt in Nederland.

Pica maakt indruk

De Pica heeft een dusdanige indruk gemaakt op Torsten dat hij bijna wekelijks naar Nederland reed om een paar Pica’s te kunnen scoren. Twee uur heen en twee uur weer terug. Meestal had hij pech en deed over een rit 4 tot 5 uur. Maar hij had het er graag voor over om aan gratis topdieren te komen.

Duitse vrienden

Inmiddels heeft Torsten een aantal Duitse vrienden ook zover gekregen dat ze Pica’s willen houden. Voornamelijk door de manier waarop wedstrijden worden gehouden. Gewoon met je Pica’s naar een willekeurige locatie, je Pica’s laten vliegen en op dezelfde locatie je Pica’s weer op kunnen pakken om naar huis te gaan. Geen enkel ras kan dat uit zichzelf. Daarnaast is de Pica reuze tam wat het een geweldige duif maakt.

Pica’s te kort

Maar goed, we hadden het over Torsten en zijn vrienden. Nederland kon heel wat duiven leveren aan Duitsland maar niet genoeg. Toen besloot Torsten Hackenberg en een paar Duitse vrienden om naar Spanje te gaan en daar een aantal Pica’s te halen. Om aan de grote vraag van Pica’s in Duitsland te kunnen voldoen.

Overdrijven is echt Duits

Op zijn reis door Spanje begin Juli 2016 is het niet bij een paar Pica’s gebleven. Hij heeft maar liefst 93 Pica’s en een aantal echte Valenciano Antiquo’s meegenomen.  Als Nederlandse Pica liefhebber is dit ongekend. En geeft een welkome boost aan de Picasport want nu kunnen er ook wedstrijden in Duitsland worden gehouden.

Bijzondere aanwinst

De vader van bijna alle Spaanse kropperrassen. Het was een hele klus omdat er maar weinig liefhebbers zijn die nog de echte oude lijnen bezitten. Uiteindelijk na heel lang zoeken toch gevonden in een afgelegen dorp bij een al oudere liefhebber. Hier vond Torsten Hackenberg de oude lijnen van de Valenciano Antiquo. Deze Valenciano Antiquo is al meer als drie generaties in de familie van deze liefhebber. Waar de Valenciano Antiquo nog echt wordt gebruikt zoals hij bedoeld is. Duiven vangen als aanvulling op het menu. In het begin wilde deze liefhebber geen duiven verkopen. Maar na het zien van enkele video’s van de echte Valenciano Antiquo’s in Nederland. Ging hij uiteindelijk toch overstag en kon Torsten drie koppels meenemen. Een fantastische aanwinst. Er zijn in Nederland slechts twee serieuze liefhebbers en nu dus één in Duitsland. die deze oude lijnen in stand blijven houden en proberen te voorkomen dat het ras een modegrill wordt en verdwijnt.

Nederland profiteert

Ook voor de Nederlandse Picaliefhebbers is de grootschalige import van Pica’s een welkome aanvulling op de bestaande bloedlijnen. Met 17 geïmporteerde Pica’s voor Nederland. Alhoewel we in Nederland  ons geen zorgen hoeven te maken over inteelt vanwege de goede stammenregistratie. Is het altijd weer leuk om nieuwe bloedlijnen Nederland binnen te krijgen. En niet te vergeten de Valenciano Antiquo, al zal dit ras nooit voor het grote publiek beschikbaar worden. Is het een fijne gedachte dat dit oude ras nog steeds bestaat.

Als het te mooi is om waar te zijn, is het niet waar

Het is nu alweer bijna Oktober en nog steeds wachten we in Nederland op de meegebrachte dieren van Torsten. Heel vreemd want ook via zijn FB is er geen enkel videofilmpje te zien van zijn belevenissen in Spanje. Daarnaast wordt elke afspraak om de dieren op te halen weer afgezegd. En is er geen Pica liefhebber te vinden in Duitsland. Ook via zijn vriendenlijst op FB zijn we op geen enkele Duitse Pica liefhebber gestuit. Het enige is een website met vermelding naar de Nederlands site. Ondertussen zijn al meerdere negatieve verhalen boven water komen drijven.

Zou Torsten nog komen nu drie maanden later of zijn de Nederlandse duivenliefhebbers flink in de maling genomen door Torsten Hackenberg.

 

Haat en nijd

Onder duivenmelkers heerst er veel haat en nijd.  Ondanks dat er geen mooiere hobby is als duiven melken. Jammer voor nieuwe liefhebbers die al gauw afhaken als ze in een verkeerde groep terecht komen maar ook oudere duivenmelkers kunnen het hierdoor voor gezien houden.

Haat en nijd waar gaat het over

In de meeste gevallen  gaat het om eenvoudige misverstanden. Geroddel en van horen zeggen. Trots, ego elkaar iets misgunnen, pesten. Misschien wel leuk om eens een rijtje te maken met de vele redenen die je tegen kunt komen.

Redenen:

  • je leent een goeie duif uit en die vliegt bij de ander weg
  • je leent een kweekduif uit en je krijgt hem ziek terug
  • je verkoopt een duivin en ze legt opeens geen eieren meer
  • je koopt voor veel geld een doffer en komt er achter dat het toch een waardeloos beest is
  • je koopt een stel jongen dieren die nooit verder als de dakgoot komen
  • je leent een duivenmand uit die je nooit meer terug ziet
  • je koopt duiven die vervolgens ziek blijken te zijn
  • je vangt een duif die de eigenaar heel graag terug wilt
  • je vangt duiven met een stopper zonder dat jezelf ooit een duif meegeeft
  • je vangt duiven met een gepaarde duif
  • je vangt duiven met drijfren
  • een doffer erbij trekken zodat je je duivin niet kwijt kan raken
  • gearmd vliegen zodat andere geen kans hebben om wat te vangen
  • je duif redden als je ziet dat hij/zij bij een ander naar binnen gaat en dan gauw een eigen duif eruit gooien
  • van de til afpakken i.p.v. op de normale manier vangen
  • bedreigingen via mail of telefoon
  • een ander een overwinning misgunnen

haat en nijdHet is echt ongelofelijk wat er voor haat en nijd is onder duivenmelkers onderling. Afgunst, geheimen, gegeven duiven worden verkocht of geslacht. Of beginnende liefhebbers die alleen voor een hoop geld aan duiven kunnen komen om mee te beginnen. Vrienden die opeens gezworen vijanden zijn.  En dat allemaal voor een handvol veren.

Weet jij nog redenen die we aan het lijstje kunnen toevoegen

 

Eef Rietbergen – beroemd in de Spiraeastraat

Nooit meer terug gezien

Mijn vader had zijn duiventil op het dak van de Spiraeastraat en er waren er vele in de buurt. Ik was een jaar of veertien, toen mijn vader en moeder een weekje met vakantie gingen. Ik zou de duiven wel eten geven. Op een dag sta ik op de til en zie een meter of 30 verderop een duif op de dakrand zitten. Ha, dacht ik, kan ik mooi voor mijn vader een duif vangen, Nu kon mijn vader aan een stip in de lucht zien of het a) een doffer of een duif was en b) of het vliegende stipje van een zogenaamde vriend (die ving je niet) of van een vreemde was (die ving je wel). Dat talent had ik niet geërfd, maar toch donkerhokje opengeschoven, doffertje eruit, even rond laten paraderen (deed mijn vader ook) en ren open. Hup, daar ging de doffer, achter het duifje aan en nooit meer teruggezien.

Eef Rietbergen, illegale duivenmelker

scannen0006
Eef Rietbergen – 1963

Duivenmelkers moesten over een vergunning beschikken om een til op het dak te mogen bouwen. In een straal van een bepaald aantal meters, mochten er geen andere tillen worden gebouwd. Op beide tegenover ons dak gelegen daken stond al een til, zodat mijn vader nooit voor een vergunning in aanmerking kwam en in feite illegaal een til had neergezet. Eens in de zoveel jaar kwam er een bouwinspecteur die mijn vader sommeerde zijn til af te breken. Pa’s antwoord was altijd: “heeft u een hobby? En zo ja, als ik die nou eens van u afneem?” maar dat hielp niet en de til werd afgebroken om binnen 3 maanden weer op het balkon te herrijzen. Daarop begon mijn moeder te klagen over de keuken die nu veel te donker was en de buren over de duivenstront, waar ze nu last van hadden. Dus meestal stond de til, na een maand of 6, weer gewoon op het dak, tot het volgende bezoek van de bouwinspecteur.

Elke duif was bekend

Mijn vader kon aan elk stipje in de lucht zien welke duif of doffer er vloog en van wie.
Hij stond heel rustig te kijken en te wachten totdat hij een duif zag vliegen die hij wel binnen wilde krijgen. Dan werd zijn doffer, die al stond te treden in het geilhok (donkerhok) naar buiten gelaten en dan begon het spel.
Vaak kwam de doffer met duif terug op de til, maar soms was de doffer er al en liep de duif twijfelend op het dak. De doffer liep met opgeheven krop te paaien en mijn vader maar koeren: oehoe, oehoe, kom maar meisje.
Totdat de duif besloot om toch maar te komen en dan viel het hek dicht en was ze gevangen!

Huilebalk van 16 jaar

Ik herinner me nog dat mijn vader een duif had gevangen en er een jongen van ongeveer 16 jaar huilend aan de deur stond om zijn duif terug te vragen. Mijn vader gaf haar terug, want zo’n waardeloze duif had hij toch niets aan!

Duiven werden opgerold in een krant

De gevangen duiven werden standaard in een krant gerold, in mijn vaders binnenzak gestopt en daar ging ie, op de fiets naar de duivenwinkel op de Beeklaan en kreeg er voer voor terug.

Direct van het werk naar de duiventil

Wij waren eraan gewend dat mijn vader om vijf uur van zijn werk kwam en dat hij naar boven ging. Er stond een ladder in de grote kast, waar ook de kolen achter een schot werden bewaard. Bovenin zat een luik wat meteen in de til uitkwam, voor de hokken.
Na een uur duiven voeren en laten vliegen, kwam hij beneden, (we woonden twee-hoog) en gingen eten.

Duiven houden was vooral heel gezellig

Wij hadden altijd aanloop van andere duivenmelkers uit andere wijken en ook broers van mijn vader én moeder. Deze broers woonden op een eerste verdieping in de Frans Halsstraat en de ander op de begane grond op de Hoefkade.
Dus ze kwamen vaak in het weekend en mijn moeder had altijd een grote pan soep klaar staan. Het was dus een zoete inval bij ons thuis en heel gezellig, want mijn vader had veel humor.

Zondag was vliegdag

duiventil
Eef Rietbergen – op zondag

Overigens maakte mijn vader op zondag nooit hokken schoon, dus kon makkelijk in zijn pak op de til staan, (zie foto).
Wij (een zoon en twee dochters) mochten ook boven op de til komen, dat was vooral heel leuk als er vuurwerk was in Scheveningen ook als er onweer was mochten we even boven kijken.
Hij zei altijd: je hoeft niet bang te zijn voor onweer, want daar is een kerktoren met een bliksemafleider en daar één en daar. Daardoor zijn wij nooit bang geweest voor onweer en bliksem.

Haagse duivensport, heel bijzonder

Voor ons was een vader met een duiventil op het dak heel gewoon, naderhand pas realiseerde ik me dat het eigenlijk heel speciaal is met die tilduiven in Den Haag!

geschreven door Conny van Hees-Rietbergen